Als er één politicus het politieke debat de afgelopen jaren naar zich toe heeft weten te trekken, dan was het Geert Wilders. En dat komt mede door zijn taalgebruik: Knettergek. Kopvoddentax. Henk en Ingrid. Columnist Jan Kuitenbrouwer analyseerde zijn woorden in een nieuw boek, 'De woorden van Wilders en hoe ze werken'.

"Hij gaat op een hele eigen manier met de taal om. Hij onderscheidt zich zo nadrukkelijk van de rest, daar kun je wel een boek over schrijven", stelt Kuitenbrouwer.

"Geen onbepaaldheden, geen bijzinnen, niet zeggen 'Dit is mijn mening', maar 'Zo is het'", somt Kuitenbrouwer op. "Geen Haagse taal. Neem nu Job Cohen, die de PvdA moet redden. Maar als ik hem hoor zeggen dat 'De PvdA afstand neemt van het neoliberalisme', dan denk ik: Hoe kun je dat nou roepen vanaf een zeepkist!? Dat taalgebruik is een hele elementaire fout eigenlijk."