Tentijde van 11 september was Geert Wilders niet langer enkel een vooraanstaand politicus in Nederland, maar genoot hij volop aandacht van de internationale media. De reden; zijn toespraak op Ground Zero te New York, bij een demonstratie tegen de bouw van een islamitisch centrum. Op TV5monde werd hij omschreven als baas van een Hollandse extreemrechtse partij, door de New York Times, als voorman van een anti-islam en anti-immigratie partij.

Wilders was uiteraard niet in Manhattan om de inwoners erop te wijzen dat het ooit Nieuw-Amsterdam had geheten en dat er daarom een Nederlands-Amerikaanse verbintenis zou zijn, al haalde hij nog wel even aan dat New York geworteld zou zijn in de Nederlandse tolerantie. Maar nee, Wilders kwam er om de New Yorkers te waarschuwen voor de islam en zich uit te spreken tegen de bouw van een islamitisch gebouw aldaar. Een dergelijke actie komt zeker niet als een verrassing, want het staat min of meer omschreven in het verkiezingsprogramma 2010 van zijn Partij voor de Vrijheid, namelijk de ‘Strijd tegen islam moet het kernpunt van ons buitenlands beleid worden’.